Feiten & fabels over duurzaam wonen

Decorative brandbar
Duurzaam wonen, feiten en fabels

Feiten & fabels over duurzaam wonen

12-06-2019

Over duurzaam wonen bestaan nogal wat misverstanden. Peter de Jong, projectleider team Energie van Natuur & Milieu, belicht 6 fabels en feiten.

1. De eerste stap naar duurzaam wonen is zonnepanelen op mijn dak leggen.

Peter: “Fabel. Mensen denken inderdaad vaak: ik leg zonnepanelen neer en klaar. Maar als het dak niet goed geïsoleerd is, kun je dat beter eerst aanpakken. Veel huizen zijn nog zo lek als een mandje. De eerste stap is daarom altijd: isoleren. Dat betaalt zich ook het beste terug. Een goed geïsoleerd huis verbruikt minder energie. En dan hoef je ook minder op te wekken.”

2. Beter isoleren begint bij je gevel en dak.

“Feit. Dat is stap één. Warmte stijgt op, dus beter isoleren begint boven in je woning. Daarna volgt stap twee: het onder handen nemen van ramen en vloeren. En daarna komen de zonnepanelen in beeld, want dat is hoe dan ook een goede stap. Natuurlijk hangt het ook af van je huis. Zonnepanelen leggen gaat makkelijker wanneer je een vrijstaande woning hebt dan wanneer je in een appartement in de binnenstad woont.”

3. Nederland is goed bezig op het gebied van duurzaam wonen.

“Meer fabel dan feit. We denken dat we goed bezig zijn. We beschouwen dubbel glas bijvoorbeeld als vanzelfsprekend, maar wist je dat drie miljoen woningen nog beter moeten worden geïsoleerd? Dat zie je niet, omdat het niet zo zichtbaar is als zonnepanelen op een dak. Isolatiemateriaal in muren zie je namelijk niet. Je kunt wel voelen of ze goed geïsoleerd zijn. Als muren op een koude dag aan de binnenkant koud aanvoelen, lekt er warmte weg. Qua isolatie van gevels, daken, vloeren en glas hebben we veel te doen in Nederland. We zijn er nog lang niet.”

4. Biologisch isolatiemateriaal is het meest duurzame isolatiemateriaal.

“Fabel. Het is heel goed dat mensen zoeken naar biologische isolatiematerialen, maar uit onderzoeken blijkt dat de prestaties daarvan achterblijven. Isolatiemateriaal van bijvoorbeeld hennep of schapenwol scoort minder goed dan glas- of steenwol. Zo kan het snel gaan rotten als er vocht bij komt en moet je, als je pech hebt, alles weer opnieuw isoleren. Dat is niet echt duurzaam.”

5. Duurzame investeringen verdien je altijd terug.

“Feit. Bij isolatie moet je denken aan drie tot zeven jaar. Zonnepanelen: zeven jaar. Zonneboiler: vijftien jaar. En een warmtepomp: vijftien tot twintig jaar. Door actuele ontwikkelingen kan het ook sneller. Zo zakt je terugverdientijd bijvoorbeeld wanneer de gasprijs stijgt en je een warmtepomp hebt. De kans dat gas door belastingmaatregelen duurder wordt, is groot. Met een warmtepomp kun je van je gas af. Je hebt dan alleen elektriciteit nodig en die kun je duurzaam opwekken. Investeren in zonnepanelen loont dus altijd. Daardoor stijgt je woningwaarde. Het maakt dus ook niet uit of je de hele terugverdientijd van zeven jaar ergens blijft of na drie jaar verhuist.”

6. Tussen nu en 2035 is een warmtepomp de beste keuze.

“Feit. Daar gaan we naartoe. Behalve als je een oude woning hebt in de binnenstad, want dan wordt het waarschijnlijk stadsverwarming. Een warmtepomp pompt warmte uit natuurlijke bron, bijvoorbeeld buitenlucht, naar binnen. Hij gebruikt totaal geen gas. Het is wel zo dat een warmtepomp pas optimaal werkt als je huis goed geïsoleerd is. Daar begint het allemaal mee.”