Flow-problemen bij warmtepompen: 4 tips om ze te voorkomen
Als installateur wil je maar één ding: een warmtepomp die vanaf dag één geruisloos en storingsvrij draait. Maar in de praktijk horen we steeds vaker over flow-problemen (storingen in de doorstroming).
Vaak wordt er dan meteen naar de warmtepomp gewezen. Maar wist je dat de echte boosdoener in 9 van de 10 gevallen in het leidingwater en de appendages zit? Een verstopt filter of een dichtgeslibde condensor is namelijk geen fout van de warmtepomp, maar het gevolg van systeemvervuiling.
In dit artikel leggen we uit hoe dit vuil ontstaat, waarom het expansievat hierbij een hoofdrol kan spelen en hoe je dit definitief oplost.
De 3 grote 'Flow-Verdachten'
Als een warmtepomp te weinig flow heeft, zijn er eigenlijk maar drie hoofdverdachten:
Het afgiftesysteem (Hydrauliek): De leidingen zijn te dun, of er is geen parallel buffer of bypass gemonteerd. Het water kan zijn liters simpelweg niet kwijt.
Een storing in het toestel: Een kapotte pomp of een defecte printplaat (dit komt gelukkig zelden voor).
Systeemvervuiling (Zuurstof): Dit is de grootste boosdoener. Door zuurstof in het systeem ontstaat er zwart slib (magnetiet) en/of bruinrostig water (hematiet). Let op: Een verstopte condensor (platenwisselaar) is géén toestelfout, maar puur het gevolg van dit vuil!
Hoe ontstaat vervuiling?
Systeemvervuiling ontstaat (bijna altijd) door een combinatie van factoren die in vrijwel elke verwarmingsinstallatie aanwezig zijn:
Water + Stalen onderdelen (radiatoren/koppelingen) + Zuurstof = Roest
Vrijwel elke cv-installatie bevat stalen componenten. Wanneer deze in contact komen met zuurstof, treedt corrosie op. Daarbij ontstaan twee veelvoorkomende vormen van roestvervuiling: hematiet en magnetiet. Hoewel beide het resultaat zijn van hetzelfde corrosieproces, ontstaan ze onder verschillende omstandigheden.
Hematiet (Rode roest)
Wat is het? Dit is actieve, 'verse' roest (ijzeroxide).
Hoe herken je het? Het water in de installatie kleurt bruin of oranje.
Magnetiet (Zwart slib)
Wat is het? Dit is 'dode' of gereduceerde roest. Het ontstaat wanneer de aanwezige zuurstof bijna helemaal is opgebruikt door de reactie met het ijzer.
Hoe herken je het? Het water kleurt gitzwart en er vormt zich een dikke, vettige zwarte slurrie onderin de radiatoren en leidingen.
Hoe komt zuurstof in een gesloten verwarmingssysteem? De 7 belangrijkste oorzaken
Een CV-installatie hoort een gesloten systeem te zijn, maar zuurstof vindt helaas altijd een weg naar binnen. Dit zijn de 7 meest voorkomende oorzaken (van veel naar weinig impact):
| Oorzaak | Uitleg |
|---|---|
| 1. Oude kunststof leidingen | Kunststof slangen van vóór de jaren '90 (zonder EVOH-laag) laten constant zuurstof door alsof het een zeef is. |
| 2. Rubberen flexibele slangen | Rubberen aansluitslangen (EPDM) laten veel zuurstof door. Dit is een zwaar onderschatte bron! |
| 3. Onderdruk door defect expansievat | De absolute nr. 1 in de praktijk! Hieronder leggen we uit hoe dit werkt. |
| 4. Membraan van het expansievat | Zuurstof dringt langzaam door het rubberen membraan van het vat heen. |
| 5. Moderne kunststof leidingen | Zelfs moderne (EVOH) leidingen laten nog een heel klein beetje zuurstof door. |
| 6. Eerste vulling (eenmalig) | In vers leidingwater zit altijd een beetje zuurstof en lucht. |
| 7. Bijvullen van de installatie | Elke keer dat de bewoner water bijvult, komt er nieuwe zuurstof binnen (duidt vaak op een lekkage). |
Waarom een slap expansievat een 'stofzuiger' wordt
Het expansievat heeft één belangrijke taak: de druk in het systeem stabiel houden. Maar expansievaten verliezen over de jaren heen hun voordruk (stikstof). Zodra de voordruk van het expansievat te ver zakt, gebeurt er iets geks zodra de CV-installatie afkoelt:
- Het vacuümeffect: Water krimpt als het afkoelt. Omdat het expansievat 'slap' is en de druk niet meer opvangt, ontstaat er een vacuüm (onderdruk) bovenin de installatie.
- De omgekeerde ontluchter: De automatische ontluchters op het hoogste punt van het systeem horen lucht eruit te laten. Maar door de onderdruk veranderen ze in beluchters. Ze gaan werken als een rietje en zuigen keihard lucht (en dus zuurstof) naar binnen! Hierdoor roest de installatie van binnenuit weg, met een verstopte warmtepomp als resultaat.
Vier tips om flow-storingen te voorkomen
1. Meet altijd de voordruk van het expansievat bij inbedrijfname maar ook bij servicebezoeken: Doe dit als de installatie drukloos is. Is de voordruk lager dan de gewenste druk? Pomp het vat op of vervang het direct. Lucht bestaat voor bijna 80% uit stikstof dus met een accucompressor kom je al een heel eind.
2. Gebruik NOOIT onthard water: Vul een warmtepompsysteem nooit met water uit een zout-waterontharder. Dit water is agressief en versnelt de interne corrosie juist! Gebruik gewoon schoon kraanwater (conform de handleiding).
3. Plaats een parallel buffer of bypass wanneer de vereiste flow niet gehaald wordt (zie handleiding voor de minimum vereiste flow): Als de installatie geen open verdeler of buffer heeft, is de kans op flow-problemen hydraulisch gezien enorm groot.
4. Spoelen en filteren: Spoel de installatie grondig door voordat je de nieuwe warmtepomp aansluit. Ook wanneer je tijdens een onderhoudsbeurt of inspectie vervuiling (zoals magnetiet of hematiet) constateert, is het van cruciaal belang dat het hele systeem zorgvuldig wordt gespoeld. Plaats daarnaast altijd een goede magnetische vuilafscheider in de retourleiding vlak voor de warmtepomp om zowel hematiet als magnetiet af te vangen.
Kom je er niet uit?
Neem dan contact op met onze afdeling Service.